Jeremia 32:27 NBV
IK ben de HEER, de God van al wat leeft.
Is er ook maar iets dat voor mij onmogelijk is?
Categorie: .TEKENINGEN+bijbeltekst
Jesaja 10:15 + scan 43
Jesaja 10:15 NBV
Schept een bijl op tegen wie ermee hakt?
Verheft een zaag zich boven wie hem hanteert?
Alsof de scepter heerst over wie hem vastheeft,
alsof de stok optilt wie hem omhoog houdt!!
Jesaja 10:15
Uit de Rembrandt Bijbel
15.Zal een bijl zich beroemen tegen dien,
die daarmee houwt?
Zal een zaag pochen tegen dien,
die ze trekt?
Alsof een staf bewoog degenen,
die hem opheffen?
Als men een stok opheft,
is het geen hout?
Tek 168 Psalm 145:1-3
U, mijn God en Koning, wil ik roemen,
Uw Naam prijzen tot in eeuwigheid.
Elke dag opnieuw wil ik U prijzen, Uw Naam loven
tot in eeuwigheid: Groot is de HEER,
Hem komt alle lof toe,
Zijn grootheid is niet te doorgronden.
Psalm 145:1-3
Uit de Rembrandt Bijbel
1.O mijn God, Gij Koning!
ik zal U verhogen
en Uw Naam loven
in eeuwigheid en altoos.
2.Te allen dage zal ik U loven
en Uw Naam prijzen in eeuwigheid en altoos.
3.De HEERE is groot en zeer te prijzen
en Zijn grootheid is ondoorgrondelijk.
.
Tek 70 Efeziërs 3:14-17
Daarom buig ik mijn knieën voor de Vader,
die de Vader is van elke gemeenschap
in de hemelsferen en op aarde.
Moge Hij van uit Zijn rijke luister uw innerlijke wezen
kracht en sterkte schenken door Zijn Geest,
zodat door uw geloof Christus kan gaan wonen in uw hart,
en u geworteld en gegrondvest blijft in de liefde.
Tek 20 Prediker 3:14+15
Alles wat God doet, zo heb ik vastgesteld,
doet Hij voor altijd.
Daar is niets aan toe te voegen,
daar is niets van af te doen.
God doet het zo opdat wij ontzag voor Hem hebben.
Wat er is, was er al lang; wat zal komen,
is er altijd al geweest.
God haalt wat voorbij is altijd weer terug.
Prediker 3:14+15
Uit de Rembrandt Bijbel
14.Ik weet, dat al wat God doet,
dat zal in der eeuwigheid zijn,
en er is niet toe te doen,
noch is er af te doen;
en God doet dat, opdat men vreze
voor Zijn aangezicht.
15.Hetgeen geweest is, dat is nu,
en wat wezen zal, dat is alrede geweest;
en God zoekt het weggedrevene.
Tek 121 Matteüs 16:22+23
22.Petrus nam Hem ter zijde
en begon Hem fel terecht te wijzen:
God verhoede het, Heer!
Dat zal U zeker niet gebeuren!
23.Maar Jezus keerde hem de rug toe met de woorden:
Ga terug, achter Mij satan!
Je zou me nog van de goede Weg afbrengen.
Je denkt niet aan wat God wil,
maar alleen aan wat de mensen willen.
Jacobus 4:13-15+Scan 904
Jacobus 4:13-15
13.Dan iets voor u die zegt:
Vandaag of morgen gaan wij naar die en die stad.
Daar blijven we een jaar,
we zullen er handeldrijven en geld verdienen.
14.U weet niet eens hoe uw leven er morgen uitziet.
U bent immers een damp die heel even verschijnt
en dan al verdwijnt.
15.U zou moeten zeggen:
Als de Heer het wil, zijn we dan in leven
en zullen we dit of dat doen.
Filippenzen 2:13-16a+Tek 159
Filippenzen 2:13-16a
13.want het is God die zowel het willen,
als het handelen bij u teweeg brengt,
omdat het Hem behaagt.
14.Doe alles zonder morren en tegenspreken,
15.opdat u zuiver en smetteloos bent,
onberispelijke kinderen van God
te midden van een verdorven en ontaarde generatie,
waartussen u schittert als sterren aan de hemel.
16.Houd daarbij vast aan het Woord dat leven brengt.
1 Kronieken 29:11+12
1 Kronieken 29:11+12 NBV
11.U, HEER, bent groots en machtig,
vol luister, roem en majesteit.
Alles in de Hemel en op aarde behoort U toe, HEER,
U bezit het koningschap en de heerschappij.
12.Roem en rijkdom zijn van U afkomstig,
U heerst over alles.
In Uw Hand liggen macht en kracht besloten,
U beslist wie groot en machtig is.
Marcus 9:41

Marcus 9:41 NBV
41.Ik verzeker je:
wie jullie een beker water te drinken geeft
omdat jullie bij Christus horen,
die zal zeker beloond worden.
Hebreeën 10:19-22
Hebreeën 10:19-22 NBV
19.Broeders en zusters,
dankzij het bloed van Jezus kunnen we zonder schroom
binnengaan in het Heiligdom,
20.omdat Hij voor ons met Zijn lichaam
een weg naar een nieuw leven gebaand heeft,
door het voorhangsel heen.
21.We hebben nu een Hogepriester
die dienst doet in het huis van God;
22.laten we God dan naderen met een oprecht hart
en een vast geloof,
nu ons hart gereinigd is,
wij van een slecht geweten bevrijd zijn
en ons lichaam met zuiver water is gewassen.
1 Petrus 3:18-20..
1 Petrus 3:18-20 uit NBV.
…ook Christus immers heeft,
terwijl Hij zelf rechtvaardig was,
geleden voor de zonden van de onrechtvaardigen,
voor eens en altijd om u zo bij God te brengen.
Naar het lichaam werd Hij gedood
maar naar de Geest tot leven gewekt.
Hij is naar de geesten gegaan die gevangen zaten,
om dit alles te verkondigen aan hen
die ten tijde van Noach weigerden te gehoorzamen,
toen God geduldig wachtte en de ark gebouwd werd.
In de ark werden slechts enkele mensen,
acht in totaal,van de watervloed gered.
Filippenzen 4:6-9
Filippenzen 4:6-9NBV
Weest in geen ding bezorgd,
maar laten bij alles uw wensen door gebed
en smeking met dankzegging bekend worden bij God.
En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat,
zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus Jezus.
Voorts, broeders en zusters, al wat waar ,al wat waardig,
al wat rechtvaardig is, al wat rein, al wat beminnelijk,
al wat welluidend is, al wat deugd heet en lof verdient,
bedenkt dat; wat u geleerd en overgeleverd is,
wat gij van mij gehoord en gezien hebt,
brengt dat in toepassing
en de God des vredes zal met u zijn.
1 Tessalonicenzen 5:16-22
16.Wees altijd verheugd, 17.bid onophoudelijk,
18.dank God onder alle omstandigheden,
want dat is wat Hij van u,
die één bent met Christus Jezus, verlangt.
19.Doof de Geest niet uit
20.en veracht de profetieën niet die Hij u ingeeft.
21.Onderzoek alles, behoud het goede
22.en vermijd elk kwaad,
in welke vorm het zich ook voordoet.
Hebreeën 12:2 748T
Laten we daarbij de blik gericht houden op Jezus,
de grondlegger en voltooier van ons geloof:
denkend aan de vreugde die voor Hem in het verschiet lag,
liet Hij zich niet afschrikken door de schande van het kruis.
Hij hield stand en nam plaats aan de rechterzijde
van de troon van God.
Jacobus 1:19-22

Jacobus 1:19-22 NBV
19.Geliefde broeders en zusters,onthoud dit goed:
ieder mens moet zich haasten om te luisteren,
maar traag zijn om te spreken,traag ook in het kwaad worden.
20.Want de woede van een mens brengt niets voort
dat in Gods ogen rechtvaardig is.
21.Wees daarom zachtmoedig en leg alle verdorvenheid
en elk denkbaar wangedrag af.
En aanvaard zo de boodschap die in u is geplant
en die u kan redden.
22.Vergis u niet: alleen horen is niet genoeg,
u moet wat u gehoord hebt ook doen.
1 Tessalonicenzen 4:13-18
1 Tessalonicenzen 4:13-18 NBV
13.Broeders en zusters,
wij willen u niet in het ongewisse laten over de doden,
zodat u niet hoeft te treuren zoals zij die geen hoop hebben.
14.Want als wij geloven dat Jezus is gestorven
en is opgestaan,
moeten wij ook geloven dat God door Jezus
de doden naar zich toe zal leiden,
samen met Jezus zelf.
15.Wij zeggen u met een woord van de Heer:
wij ,die in leven blijven tot de komst van de Heer,
zullen de doden in geen geval voorgaan.
16.Wanneer het signaal gegeven wordt,
de aartsengel zijn stem verheft
en de bazuin van God weerklinkt,
zal de Heer zelf uit de hemel neerdalen.
Dan zullen eerst de doden die Christus toe behoren opstaan,
17.en daarna zullen wij, die nog in leven zijn,
samen met hen worden weggevoerd op de wolken
en gaan de Heer in de lucht tegemoet.
Dan zullen we altijd bij Hem zijn.
18.Troost elkaar met deze woorden.
Kolossenzen 3:12-15
Kolossenzen 3:12-15 NBV
12.Omdat God u(ja jou!)heeft uitgekozen,
omdat u Zijn heiligen bent en Hij u liefheeft,
moet u zich kleden in innig medeleven,
in goedheid, bescheidenheid, zachtmoedigheid en geduld.
13.Verdraag elkaar en vergeef elkaar als iemand
een ander iets te verwijten heeft;
zoals de Heer u vergeven heeft, moet u elkaar vergeven.
14.En bovenal, kleed u in de liefde, dat is de band
die u tot een volmaakte eenheid maakt.
15.Laat in uw hart de vrede van Christus heersen,
want daartoe bent u geroepen als de leden
van één lichaam. Wees ook dankbaar.
1 Johannes 4:20+21(555)
1 Johannes 4:20+21 NBV
20.Als iemand zegt: ik heb God lief
maar hij haat zijn zuster of broeder,
is hij een leugenaar.
Want iemand kan onmogelijk God,
die hij nooit gezien heeft liefhebben,
als hij de ander die hij wel ziet, niet liefheeft.
21.We hebben dan ook dit gebod van Hem gekregen:
wie God liefheeft, moet ook de ander liefhebben.
Prediker 8:16+17(551)

Prediker 8:16+17 NBV
16.Ik(Prediker)zocht met heel mijn hart
naar wijsheid.
Alles wat de mens op aarde onderneemt,
wilde ik doorgronden.
Nooit geeft hij zijn ogen rust,
dag noch nacht,
17.maar bij alles wat God doet onder de zon,
zo heb ik ingezien,doet Hij wat Hij doet.
De mens is niet in staat de zin ervan te vinden.
Hij tobt zich af en zoekt er naar,
maar hij vindt hem niet
en al zegt de wijze dat hij inzicht heeft,
ook hij is niet instaat de zin ervan te vinden.




































