Oordeel zie 305

Oordeel

Wat mijn naaste
doet of laat,
past ook in het plan
van God.

Ik geef mijn ergernissen
aan God.
Ik leg ze in Zijn Handen.
Zodat ik niet meer oordeel,
maar die persoon aanvaardt
zoals hij of zij is.

Dat brengt rust en vrede
in mijn eigen hart.